De vink geeft het voorjaarsgevoel

In tuinen en parken hoor je de lentegeluiden die je een aangenaam gevoel geven

Na het koude winterweer in het begin van deze week wordt de zang van de vink gelukkig weer gehoord. Het is maar een kort liedje: tsji-tsji-tsji-tsji-tsjam-tsjammer-biskwie. Het is de bekende vinkenslag. Meer zingt de vink niet. Alleen in de broedtijd van maart tot augustus laat de vink dit liedje horen. Het is voor mij altijd weer een verrassing als ik in februari de eerste vinkenslag te horen krijg. Nu, in de maand maart, beginnen de vinkenmannetjes al met het afbakenen van het gebiedje waar genesteld gaat worden. De vinkenslag is daarbij een soort wapen.

De vink in vol ornaat. Het is een zangvogeltje dat bekend staat om zijn strijdlust. Tussen maart en augustus zingen de mannetjes om hun leefgebiedje te verdedigen en vrouwtjes te lokken. Het liedje duurt slechts vijf seconden en de mannetjes herhalen het gemakkelijk tot vijf keer per minuut. Ga zelf buiten eens luisteren naar de vink – Foto: ©Gerrit de Graaff

Territoriumgedrag

Iedere vink kan, bij wijze van spreken, het ‘Wilhelmus’ fluiten, maar dat doet hij niet, want dan wordt hij niet meer herkend. De mannetjesvink zingt namelijk niet voor de lol. Het is puur het territoriumgedrag. Steeds weer die roep om andere mannetjes af te schrikken. Soms roept hij het liedje om de tien seconden. Ik heb het wel eens opgenomen op een cassetterecorder en afgedraaid onder de boom waar de vink zat te zingen. De vink kwam steeds dichterbij en nerveus begon hij nog krachtiger te roepen: tsji-tsji-tsji-tsji-tsjam-tsjammer-biskwie. In de loop van het voorjaar klinkt het zo vaak, dat je het niet meer hoort. Het gaat op in de lentegeluiden die je een aangenaam gevoel geven.

Half augustus is de broedtijd voorbij en daarna wordt de bekende vinkenslag niet meer gehoord. Vinken zie je het hele jaar door. Je hoeft er niet voor naar het bos te gaan, want ze leven bij huis. Als er een paar grote bomen in de tuin staan, dan heeft de vink het al gauw naar de zin. Vooral oude vruchtbomen met veel mos op de stam en de takken lijken de voorkeur te hebben.

Een vinkennest is bijna onvindbaar. Het wordt van buiten gecamoufleerd met korstmos. Het mannetje mag niet bij het nest komen – Foto: ©Gerrit de Graaff

Belgische vinkeniers

Vroeger, toen er nog geen kanaries waren, stopten vogelvangers vinken in kooitjes voor de vinkenslag. In ons land was dat heel lang geleden ook het geval. Vooral in het westen van het land had je de zogenaamde vinkenbanen. Met enige verbazing hoor ik dat de vinkensport in België nog steeds wordt beoefend. Honderden vinkeniers strijden jaarlijks om de beste zanger. Het gaat dan om de vink die de meeste vinkenslagen per uur maakt. Er was wel veel protest tegen het vangen van vinken met als gevolg dat de vinkenvangst in 2003 volledig werd verboden.

Probeer ze maar in gevangenschap te kweken, is het oordeel van de minister. Het kweken van jonge vinken schijnt heel moeilijk te zijn. De vinkenliefhebbers vrezen nu het einde van hun hobby. Je houdt het niet voor mogelijk, maar er zijn in West- en Oost-Vlaanderen nog talloze verenigingen die de vinkensport bedrijven. Vandaar dat het voornemen van de minister een ware vinkenoorlog onder de vinkeniers heeft veroorzaakt.

De vrouwtjesvink heeft een schutkleur om niet op de vallen als ze op het nestje zit. Zie bijgaande foto van de vink op het nestje – Foto: ©Gerrit de Graaff

Kampioen

In de zomer komen de vinkeniers in verenigingsverband regelmatig bij elkaar. In lange rijen zitten ze het aantal slagen van de meegebrachte mannetjesvinken te turven. De beste vinken van de vereniging gaan naar regiobijeenkomsten. Een vink roept per uur wel 600 maal de vinkenslag, soms meer dan 1000 maal. Het gaat er om welke vink de meeste slagen maakt. Op het laatst komen de kooitjes van de allerbeste vinken bij elkaar. Het is heel spannend, want je kunt er zelf niet veel aan doen. Als het beestje zich niet lekker voelt, zingt hij minder of helemaal niet. Degene wiens vink de meeste slagen maakt wordt kampioen van België. De eeuwenoude vinkensport staat zelfs op de erfgoedlijst. Let eens op de fraaie kleuren van de mannetjesvink en luister eens buiten naar de vinkenslag waar veel Belgen zo bevlogen van zijn: tsji-tsji-tsji-tsji-tsjam-tsjammer-biskwie.

De mannetjesvink roept: tsji-tsji-tsji-tsji-tsjam-tsjammer-biskwie. Soms zit er een beetje verschil in, maar het komt op het zelfde neer – Foto: ©Gerrit de Graaff

Het vinkennest

Er zijn maar weinig vogels die zo’n mooi nest maken als de vink. Wie wel eens een vinkennest heeft gezien zal het direct beamen. Ze maken hun nest graag op een knoestige tak in een vruchtboom, maar dat hoeft niet altijd. Het vrouwtje maakt het nest van grashalmpjes, spinrag, pluis van uitgebloeide planten, wol en mos. Van buiten wordt het nest knap gecamoufleerd met korstmos. Je moet goed kijken om een vinkennest op een dikke tak of in een takvork te zien zitten. Van binnen is het nest gevoerd met haren en veertjes. Eind april worden de vijf eitjes gelegd. Ze zijn lichtblauw van kleur met bruine vlekjes. In het broedseizoen van april tot juli brengen ze twee, soms wel drie nesten met jongen groot.

Ook gepubliceerd in Barneveldse Krant: 24-03-2018 – Aflevering 606

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.de-veluwenaar.nl/2018/04/04/vink-geeft-voorjaarsgevoel/