Steeds meer grauwe ganzen

Hoe gek het ook klinkt: de grauwe gans is een echte inheemse vogel in ons land

In de vorige aflevering ging het over de vele brandganzen uit Groenland en Noord-Rusland die hier komen overwinteren. Deze keer gaat het over de grauwe gans, de enige gans die inheems is in Nederland. De andere ganzen komen allemaal uit andere landen. In de winter is ons land erg in trek bij de ganzen die hier komen overwinteren: kolganzen, brandganzen, grauwe ganzen, rietganzen en kleine rietganzen. Van dit rijtje is alleen de grauwe gans inheems. Vanouds behoorde de grauwe gans gewoon tot onze broedvogels, maar ruim tachtig jaar geleden, in 1935, toen in Friesland het laatste broedgeval van de grauwe gans werd vastgesteld, was de soort in ons land totaal uitgestorven.

Een unieke foto van een groepje grauwe ganzen, gemaakt vanuit een schuilhut bij een rietmoeras in de Flevopolder. De ganzen hebben niet in de gaten dat ze van dichtbij worden bespied. Normaal gesproken waren ze al lang opgevlogen, want grauwe ganzen zijn zeer schuw. Bijzonder is het dat grauwe ganzen inheems zijn in ons land – Foto: ©Gerrit de Graaff

Herintroductie grauwe ganzen

In de jaren zeventig van de vorige eeuw zijn plaatselijk grauwe ganzen uitgezet in het kader van de herintroductie van de grauwe gans in Nederland. De grote rietmoerassen van de Oostvaardersplassen in de polder heeft de terugkeer van de grauwe gans sterk bevorderd. De rietmoerassen bieden voedsel, nestgelegenheid en rust. Ook andere moerassen, bijvoorbeeld langs de grote rivieren, zijn bij de grauwe ganzen in trek.

Hun aantal gaat de laatste jaren met sprongen omhoog. Waar je tegenwoordig ook heen gaat: Naardermeer, Nieuwkoopse plassen, de Ooipolder bij Nijmegen, in de Flevopolders of in de weilanden langs de weg in de Betuwe, overal zijn grauwe ganzen te zien. In het jaar 2000 zijn in ons land ongeveer 5000 paren grauwe ganzen geteld. Het zal mij niet verbazen als in het jaar 2018 hun aantal boven de 75.000 paren uitkomt. Zelfs midden op de Veluwe bij het heideven, de Gerritsfles, nestelen in het voorjaar meerdere paren grauwe ganzen.

Een volwassen grauwe gans hier in vol ornaat. Deze foto is ook vanuit de schuilhut gemaakt. Let op de vleugels op de rug – Foto: ©Gerrit de Graaff

Ganzen zijn groepsdieren

Grauwe ganzen zie je in de winter nooit alleen. Het zijn groepsdieren. Het vormen van groepen heeft voordelen. Naderende mensen en roofdieren worden snel opgemerkt. Tijdens het foerageren houden enkele ganzen de wacht om de groep tijdig te waarschuwen. Ze leven graag in familieverband. Bij ganzen blijven de partners bij elkaar. Ze zijn voor het leven gepaard.

Vogelliefhebbers die af en toe de polder Arkemheen bij Nijkerk bezoeken, hebben allang gemerkt, dat in het voorjaar en in de zomer, steeds meer ganzen worden waargenomen: grauwe ganzen en ook Canadese ganzen, nijlganzen en brandganzen. Ze rusten overdag op het water en langs het dijkje in het Nuldernauw en gaan tegen de avond en vroeg in de ochtend gras eten in de nabijgelegen Putterpolder en de polder Arkemheen. Jaren geleden waren in de zomer geen ganzen te zien in de polder.

Deze grauwe gans is in de rui en kan dus niet vliegen. Een heel bijzondere foto, want ruiende ganzen krijg je zelden te zien – Foto: ©Gerrit de Graaff

Tijdens de rui: niet vliegen

Alle ganzen, dus ook de grauwe ganzen gaan in de zomer in de rui. De rui verloopt niet bij elk vogel op dezelfde manier. Bij ganzen ruien alle veren in één keer. Ze kunnen dan niet vliegen en zijn dan erg kwetsbaar. Ze blijven tijdens de rui in de nabijheid van rietmoerassen, zodat ze bij gevaar een goed heenkomen kunnen zoeken.

Een ruiende gans (foto hierboven) krijg je zelden te zien. Ongeveer vier weken lang kunnen ganzen niet vliegen. De veren van iedere vogel zijn van levensbelang. Het verenpak houdt de vogels droog en bestand tegen hitte en kou. Bovendien stelt het verenpak de vogels in staat om te vliegen. Veren slijten en moeten ieder jaar vervangen worden. Dat heet rui. Tijdens de ruiperiode van eind mei tot eind juni leven ze erg verborgen in rietmoerassen.

Grauwe ganzen zijn voor het leven gepaard. Hier gaan ze met hun kuikens op zoek naar voedsel. Ze hebben één broedsel per jaar – Foto: ©Gerrit de Graaff

Ruigebied

Een bekend ruigebied is het Oostvaarderplassengebied in de Flevopolder. Hier trekken tienduizenden grauwe ganzen naar toe om te ruien. Als de oude veren zijn uitgevallen beginnen er meteen nieuwe veren te groeien. Eerst zijn dat blauwe buisjes die uit de vleugel groeien. Uit de buisjes komen weer nieuwe veren. Na vier weken zijn de veren van de vleugels lang genoeg om weer te kunnen vliegen. Begin april beginnen de grauwe ganzen te broeden: ongeveer vier weken. Eén broedsel per jaar. Na acht weken zijn de jongen zelfstandig, maar blijven bij de ouders en zijn pas na drie jaar volwassen… en dat gaat zo maar door.

Ook gepubliceerd in Barneveldse Krant – 20-01-2018 – Aflevering 597

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.de-veluwenaar.nl/2018/01/31/steeds-meer-grauwe-ganzen/